Hernia perinealis

De hernia perinealis is een aandoening die we meestal zien bij oudere, niet gecastreerde, reuen vanaf een jaar of 7. Bij teven wordt deze aandoening zelden gezien. Daarnaast zijn er een aantal rassen waarbij deze aandoening relatief vaker voorkomt: Boxers, Duitse Herder, Shih Tzu, Teckels, Collies en Yorkshire Terrier. In 60% van de gevallen is er sprake van een eenzijdige hernia, in 40% van de gevallen is de aandoening tweezijdig.

Wat is een hernia perinealis precies?

Het woord hernia staat voor uitstulping of breuk. Dezelfde term wordt gebruikt voor bijvoorbeeld een liesbreuk of een navelbreuk. Perinealis staat voor de locatie van de uitstulping, in dit geval rondom de anus (“peri” “analis”). Het betreft dus een breuk ofwel een uitstulping in het gebied rondom de anus. Het gebied rondom de anus van een hond, bestaat uit heel veel dijspieren. Onder invloed van mannelijk geslachtshormoon, testosteron, kunnen deze spieren in verloop van jaren verzwakken. De spieren raken als het ware los van elkaar waardoor het de mogelijkheid biedt, dat als de hond perst, bijvoorbeeld bij het ontlasten, onder andere buikvet, tussen de spieren door als een uitstulping naar buiten wordt geperst.  Daarnaast hebben oudere niet gecastreerde reuen ook nog eens vaak last van prostaatvergroting waardoor het persgedrag extra wordt opgewekt en de spieren rondom de anus gemakkelijker doorscheuren. In het geval dat het vet betreft is dit op zich niet zo’n probleem. Echter, er bestaat de mogelijkheid dat de hond door het persen een blaas of een darm in de uitstulping perst, waardoor deze klem kunnen raken en dit grote gevolgen kan hebben.

Verschijnselen

De verschijnselen van een hernia perinealis kunnen heel verschillend zijn, afhankelijk van de ernst van de hernia, maar bestaan meestal uit de volgende symptomen: 

  • Zichtbare uitstulping links en/of rechts naast de anus 
  • Moeite met ontlasten (omdat de ontlasting als het ware in de uitstulping wordt gedrukt) 
  • Pijn bij ontlasten 
  • Buikpijn (met name als er sprake is van een darm of de blaas die zich in de hernia bevindt) 
  • Algeheel ziek zijn 
  • Moeilijk of niet kunnen plassen

Diagnose

De diagnose is eigenlijk vrij gemakkelijk te stellen. Ten eerste is de aandoening vaak goed zichtbaar aan de buitenkant. Door te masseren is de hernia ook weer terug te duwen waardoor de uitstulping (tijdelijk) verdwijnt. Daarnaast zal uw dierenarts door middel van een rectaal onderzoek aan de binnenkant de bespiering navoelen en zal daar een duidelijke scheur in de bespiering constateren.

Behandeling

Behandeling van deze aandoening is noodzakelijk omdat er een groot risico bestaat dat er een darm of een blaas klem komt te zitten in de uitstulping en daardoor kan afsterven. De behandeling vindt operatief plaats en bestaat uit 2 delen:

  • Castratie van het dier
    Castratie van het dier is noodzakelijk. Vaak speelt een te grote prostaat een belangrijke rol bij het ontstaan van de breuk. Castratie zorgt ervoor dat de prostaat klein wordt en geen rol meer speelt.
  • Reparatie van de hernia
    Hierbij kan gekozen worden voor 2 verschillende technieken:
     
  • M. Obturatorius transpositie
    Bij deze techniek wordt de bekkenbodemspier gebruikt. Deze spier wordt aan één zijde losgemaakt en als het ware over het gat van de hernia vastgehecht. Dit is de meest geschikte manier voor het opereren van eenzijdige hernia’s.
  • Inhechten van een netje
    Dit netje wordt in plaats van de bekkenbodemspier vastgehecht op de breuk opening. Dit maakt het een stevig geheel. Er wordt enkel voor een netje gekozen indien er sprake is van recidiveren ( het opnieuw ontstaan van de breuk).

Het slagingspercentage van deze operatie is over het algemeen goed. Echter zoals bij elke operatieve ingreep is er een risico op complicaties. Mogelijke complicaties zijn: 

  • Wondinfectie (omdat het in het gebied van de anus ligt waar de ontlasting naar buiten komt) 
  • Terugkeren van de hernia 
  • Incontinentie doordat de spier van de anus beschadigd raakt tijdens de operatie.